Hoe het werkt
Wil je aan de slag met de Ondersteuningsroute Bewegen en Motoriek op jouw school? Zorg dan dat je een OBM-team samenstelt, zorg dat de rollen bij iedereen helder zijn en maak een jaarplanning.
Het OBM-team bestaat uit de vakleerkracht bewegingsonderwijs, de directie, de intern begeleider, de groepsleerkracht van groep 3, de jeugdarts, de kinderfysio-/oefen-/ergotherapeut, de aanbieder van het extra beweegaanbod en de sportmakelaar.
In de 0-week organiseert het OBM-team een startbijeenkomst. Evaluatiepunten van het vorige schooljaar worden vertaald naar actiepunten en vastgelegd in een jaarplanning (screenen, analyseren, oudergesprekken e.d.), zodat iedereen tijdig voorbereid is.
Kijk voor de opvolgende OBM-stappen in onderstaande illustratie. Klik voor uitleg op de cijfers 1 t/m 8


Stap 1: Screenen (september)
Begin van het schooljaar neemt de vakleerkracht bewegingsonderwijs de 4-vaardighedentest af, een valide motoriektest. Omdat dit tijd kost, is het belangrijk om in de 0-week extra ondersteuning van collega’s te regelen. De resultaten kunnen digitaal worden ingevoerd en geanalyseerd via Stimuliz.

De testresultaten worden gecombineerd met observaties uit het leerlingvolgsysteem en input van de intern begeleider en groepsleerkracht. Samen bepalen zij of een interventie nodig is en welke het meest passend is

Ouders van kinderen met een oranje of rode score worden geïnformeerd en uitgenodigd voor een gesprek. Samen met de vakleerkracht en intern begeleider wordt een plan van aanpak opgesteld.

Kinderen met een oranje of rode score nemen deel aan extra beweegaanbod (zoals Gym+ of Motorische Remedial Teaching). In kleine groepen werken zij aan hun motorische ontwikkeling. Ouders worden gestimuleerd om ook thuis meer te bewegen met hun kind.

Voor kinderen met een rode score en duidelijke belemmeringen wordt, met toestemming van ouders, een consult bij de jeugdarts aangevraagd. De jeugdarts beoordeelt of er een onderliggende oorzaak voor de motorische achterstand is en/of, naast verwijzing naar een kinderfysio-oefentherapeut, verwijzing naar een kinderarts of revalidatiearts nodig is.

Stap 6: Zorgtraject (december)
De kinderfysio-/oefen-/ergotherapeut voert de Movement ABC uit, stelt een behandelplan op en behandelt het kind individueel. Er is afstemming met ouders en idealiter ook met de vakleerkracht bewegingsonderwijs.

Na de interventieperiode neemt de vakleerkracht opnieuw de 4-vaardighedentest af (bij de kinderen met een oranje en rode score) om de voortgang te meten.

Stap 8: Evaluatie (juni)
Aan het einde van elk schooljaar evalueert het OBM-team de samenwerking en het proces en bepaalt of er aanpassingen nodig zijn.